Eros is overal
In elke begeleidingssituatie is de vuurgloed van liefde een onmisbaar element. Of je nou individueel met iemand werkt, als relatietherapeut of met een groep. Óf als manager met een team. Natuurlijk neemt Eros steeds weer een andere gedaante aan. Van mededogen met iemands verhaal, intense betrokkenheid bij herkenbare levensthema’s tot verwarring over de mate van intimiteit. In het overdrachtsproces komen al die ervaringen - al dan niet bewust - aan de orde. Joke Goudswaard vertelt.
'Interimmanager is mijn vak', zegt ze koeltjes in antwoord op mijn vraag. 'Daarin weet ik de weg, daar kom ik niet voor.' Ze kijkt me keurend aan. Zou ze me te soft vinden. De overdracht is al in gang gezet. Simpel zal het niet zijn, schat ik.
'Wat maakt dat je bij mij komt?'
De stilte die nu valt, geeft onrust. Haar huid trekt nog iets strakker. 'Tja, hoe zeg je dat. Ik ben er weer voor eentje gevallen. Jaren jonger', vult ze afwerend aan. 'Ontzettend onhandig in zo’n traject.'
'Een prins, bedoel je?'
'Wat een woord! Het is toch geen sprookje.'
'Misschien toch. Ik hou van taal waar verlangen in zit.' Mijn stem is nu laag en rustig.
Iets in de sfeer is veranderd. Ik heb een flintertje respect gewonnen.
'Wat maakt het zo de moeite waard om hem lief te hebben?' Van het harde land komen we zo in zachter gebied. 'Wil je hem aan me voorstellen?’
Terwijl ze op mijn verzoek haar ogen sluit, steek ik mijn hand uit en vraag haar die vast te pakken, terwijl ze hem beschrijft.
Een aanraking op de grens, een risico in het contact dat de nabijheid in het licht zet.
Het appèl om het koeltjes aan te doen in het contact, is dikwijls een teken dat het leerlandschap ‘verbinding en tederheid’ heet. Bewust de glans van het ‘voorjaar’ in de ander openen, herinnert aan vergeten ervaringen rondom verwachting en onschuld in intimiteit. De staat van ‘geloven dat alles kan’ terugroepen en hier permissie aan geven, is de koers in dit supervisietraject.
Eros is overal! In elk seizoen kun je dit liefdesgodje een kans geven. Hierover meer de komende tijd.
Joke Goudswaard en Morten Hjort